Sjoerd werd depressief van zijn Golf, maar rijdt nu deze MG - én een Jaguar
De autoliefde van Sjoerd begon met Franse coupés. Maar na z’n eerste Jaguar, zat-ie al snel ‘tot aan z’n ellebogen’ in de Engelse auto’s. Eén daarvan is een MG TF. De roadster wordt vaak verwend met zachte doekjes en smeuïge wax, maar twee keer per jaar moet-ie eraan geloven ...
Tegenwoordig komen MG’s uit China en zijn ze vooral elektrisch. Maar de oorsprong van het merk ligt in Engeland en dit jaar is het exact een eeuw geleden dat het op vaderlandse bodem zijn eerste sportieve overwinning boekte.
Opvolger MGB Roadster
Honderd jaar later hebben we een afspraak met Sjoerd Peek, wiens op en top Britse MG TF de laatste in serie gebouwde roadster van het merk is. In feite is de TF de spirituele opvolger van de MGB Roadster (1962-1980), die zich jarenlang de bestverkochte roadster ter wereld mocht noemen.
Een sportieve plug-in hybride met een elektrisch rijbereik van 130km*. Al vanaf €36.990. Nu met €2.000 plug-in premie.
Met de ‘B’ verdween in 1980 de laatste echte MG. Bij auto’s die later als MG's werden verkocht, ging het eigenlijk om sportief uitgevoerde Austins. Tot 1996, toen de MG F op de markt kwam, een achterwielaangedreven roadster met middenmotor.
Dol op oudere auto's? Dan mag je onze nieuwe Classics-special niet missen!
Japanse aanleiding
De belangrijkste aanleiding voor de Rover Group om de MG F uit te brengen, kwam uit Japan. Mazda bleek met de in 1989 geïntroduceerde Miata/MX-5 een regelrechte succesformule in handen te hebben, nota bene met een auto die teruggreep naar de Britse roadstertraditie die MG zo’n beetje had gevestigd.
Facelift maakt F tot TF
MG gaf de F in 2002 een facelift en vernoemde hem naar de fameuze MG TF Midget uit de jaren 50. Niet alleen de neus werd grondig verbouwd, ook technisch ging de auto op de schop. De belangrijkste wijziging betrof de wielophanging, waarbij het Hydragas-veersysteem werd vervangen door schroefveren met hydraulische schokdempers.
Motorisch werd de F-opvolger gekieteld met een aangepast inlaattraject en scherpere nokkenassen. Samen bezorgden ze de 1,8-liter viercilinder een vermogensboost van 20 procent. De lay-out met middenmotor bleef echter ongewijzigd.
Autoliefde begon met Peugeot 406 Coupé
Voordat we Sjoerd gaan uithoren over de TF, duiken we in z’n persoonlijke autohistorie. Die begon in 2012, toen hij nog maar net zijn rijbewijs had en zo’n fraaie, door Pininfarina ontworpen Peugeot 406 Coupé 2.0i aanschafte.
Hij had liever een V6 gehad, ‘maar die kon ik als 19-jarige niet betalen’. Wel had Sjoerd een keiharde eis qua kleurcombinatie: de auto moest groen vanbuiten zijn en beige of bruin vanbinnen. “Daar heb ik nu nog steeds een zwak voor.”
“Vanwege het leer en het zonnedakje in die 406 Coupé, voelde ik me helemaal het mannetje.”
2000 euro aan ellende
De keus viel op een 406 van 2000 euro. “Niet duur, maar er bleek ook van alles mis mee te zijn: olielekkage, stuurbekrachtiging die vaak uitviel, echt waardeloos.” Nadat ik m’n opa lief had aangekeken, kon ik een nette 406 Coupé 2.2 HDi kopen. Met beige leer en een zonnedakje - ik voelde me helemaal het mannetje.”
Verzopen V6
De gedachte aan een 406 Coupé met V6-motor liet Sjoerd echter niet los: “Die kocht ik in 2014 voor 200 euro van toenmalig TopGear Magazine-redacteur Bas Heideman. Hij was er een ondergelopen tunnel mee ingereden en dus moest er een andere motor in.
Die kreeg ik cadeau van een bevriende monteur, maar goed, daarna wilde ik ’m ook helemaal netjes hebben. Dat begint met kleine dingetjes, totdat er uiteindelijk 10.000 euro onder aan de streep stond - veel te veel voor een auto met drie ton op de teller. Maar da’s een beetje hoe gek ik kan zijn met auto’s …”
Depressief van zwarte Golf
Na de aanschaf van de V6 deed Sjoerd de 406 diesel de deur uit. “Daar kreeg ik al snel spijt van, omdat ik een andere baan kreeg waarvoor ik dagelijks 250 kilometer moest rijden. Uit nood heb ik daarna een blauwe maandag een Volkswagen Golf TDI gehad. Er mankeerde veel aan en op een gegeven moment viel er niet meer mee te rijden.
Daarnaast werd ik hartstikke depressief van dat ding: zwart vanbuiten, zwart vanbinnen, donker getinte ramen, alles zwart, zwart, zwart. En dan was het ook nog een Variant - als 25-jarige was ik helemaal niet klaar voor zo’n gezinsauto, joh.”
Van Peugeot naar Jaguar
Die Golf was dus evenmin een blijvertje. De zescilinder 406 had Sjoerd ook nog steeds, maar na zijn gitzwarte Golf-ervaring was hij naar eigen zeggen klaar voor ‘iets écht leuks’. Zo kwam er een Jaguar XJ uit 1997 voor de deur. Voor de kenners: eentje van de X308-generatie. “Een Zwitser, zonder ook maar een spatje roest.”
Jaguar-liefde van zoon op vader
Autoliefde wordt vaak van vader op zoon doorgegeven, maar bij de familie Peek ging dat andersom: “Na een paar ritten in mijn auto en het bezoeken van wat Jaguar-meetings, wilde ook hij een XJ.
Samen vonden we een Daimler Super V8, de vierliter met supercharger. Alles erop en eraan: elektrisch verstelbare achterste zitplaatsen, klaptafeltjes, you name it. En nadat ik ermee op vakantie was geweest wist ik: verdorie, ik wil ook een Supercharged V8!”
“Toch bij zo'n dure XKR gaan kijken, waarvan het hele plaatje klopte. Shit, verliefd … ”
Helaas bleken geschikte XJ’s dungezaaid. Wel had Sjoerd enkele ‘veel te dure’ XKR’s gezien. Maar ja, het vlees is zwak … “Inderdaad, toch bij eentje gaan kijken, waarvan het hele plaatje klopte: origineel Nederlands, de juiste kleurstelling, niet te veel gelopen en de meest betrouwbare motor: de 4.2. Shit, verliefd … en dus gekocht.”
Peperdure Ferrari-remmen voor Jaguar XKR
Sjoerd wist wel dat het onderhoud van zo’n XKR niet goedkoop zou zijn, maar zijn vrees werd nog ruimschoots overtroffen. “Toen er andere remmen onder moesten, bleek dat Jaguar voor de XKR bij Brembo hetzelfde setje van de plank had getrokken als Ferrari voor de F50 gebruikte. Dat kostte bij de dealer 3800 euro. Exclusief btw en montage!
“Als je afremde voor een zebrapad, kregen alle voetgangers een hartverzakking van het gepiep.”
Gelukkig kon een specialist het voor de helft doen - zei hij. Wat hij er precies onder heeft gezet, weet ik niet, maar als je afremde voor een zebrapad, kregen alle voetgangers een hartverzakking van het gepiep en gekrijs. Van ellende heb ik dat seizoen maar 800 kilometer met de XKR gereden. Na een jaar heb ik er zelf andere remmerij onder gezet. Dit keer van EBC, en dat gaat gelukkig goed.”
MG TF als funauto voor erbij
Zeker nu we weten hoe prijzig het onderhoud is, snappen we wel dat Sjoerd erg zuinig op z’n XKR is. Omdat hij z’n lease-Mini buiten de bijtelling houdt, wilde hij er een auto bij hebben waarmee hij gewoon door de regen naar z’n moeder kan rijden. Bovendien vindt hij het leuk om af en toe lol te trappen op het circuit. En daar kwam de MG TF (aanbod op Marktplaats) in beeld.
“Achteraf heb ik er veel te veel voor betaald.”
“Niet dat die nu ongevoelig voor regen is, hoor, hahaha! Ik heb ’m nu drie jaar en uiteraard moest-ie net als de Jaguar groen vanbuiten zijn en beige vanbinnen, gecombineerd met een houten dashboard. Deze stond voor een redelijke prijs bij een particulier in de buurt, had niet te veel gereden en wat grappig was: het kenteken zit heel dicht bij dat van mijn XKR. Dus dacht ik: dit moet ’m dan zijn.”
Met de TF over de Nordschleife
“Achteraf heb ik er veel te veel voor betaald, want al snel bleek dat het achterste subframe deels was doorgeroest - een bekende kwaal van deze auto’s. Los daarvan is het een leuk ding. Niet alleen omdat ik open rijden heel gaaf vind, maar ook omdat-ie totaal anders is dan de Jaguar. Dat is een ideale auto om met 200 op de cruisecontrol naar de Formule 1 in Boedapest te rijden.
Dat wil je met de TF echt niet. Wel is het heel geinig om over dijkweggetjes te rijden, dat soort dingen. Bovendien heb ik thuis een racesimulator waarmee ik al duizenden rondjes Nordschleife heb gereden. En nu heb ik een auto waarmee ik dat in het echt kan doen.”
Typische TF-kwaal: verroest subframe
Drie maanden na de aanschaf van de TF, doemde bij de apk het roestspook op. “Ik had er bij aankoop wel even onder gekeken, maar daarbij was me niet opgevallen dat het achterste subframe in slechte staat verkeerde. Wel had ik gezien dat de dorpels slecht werden. Daarvan dacht ik: een paar nieuwe eronder en klaar. We zijn nu drie jaar en duizenden euro’s verder, maar die dorpels moeten nog steeds gebeuren, haha.”
In Engeland vond Sjoerd een adres waar ze nieuwe en gereconditioneerde subframes voor de TF verkochten. “Eerst had ik het idee om alles te importeren en hier het subframe met alle onderdelen van de wielophanging te laten vervangen. En dan is de motor er toch uit, dus dan kun je net zo goed ook de distributie, de waterpomp en de koppeling laten doen.
“Inmiddels heb ik er zoveel geld in zitten, dat ik ’m van mezelf niet weg mág doen!”
Dat laatste was ook echt nodig, trouwens, want de platen waren kats versleten. Uiteindelijk bleek het wegens Brexit veel voordeliger om de auto naar Engeland te rijden, hem daar een week te laten staan en zelf een retourticket met het vliegtuig te boeken. Alsnog was ik voor het hele plaatje ongeveer evenveel kwijt als voor de aanschaf.”
Met de TF naar de Nürburgring
Dat klinkt als een hoop geld voor een hobbyauto. Sjoerd houdt wel van serieus poetsen, maar gebruikt de TF daarnaast ook stevig, zo’n 10.000 tot 15.000 kilometer per jaar.
“Leuke ritjes binnendoor naar vrienden, over dijkweggetjes en twee keer per jaar naar de Nürburgring. Thuis ga ik dan altijd de dashcambeelden bekijken, gewoon voor de leuk. Ik ga trouwens altijd op doordeweekse dagen, want in het weekend is het veel te druk en gebeuren de meeste ongelukken.”
Setje remmen opgerookt
Maar ook als er geen crashes plaatsvinden, wil dat niet zeggen dat je je auto heel houdt. Sjoerd: “De laatste keer heb ik een setje remmen opgerookt. Op weg naar Duitsland en tijdens de eerste ronde op het circuit was er niks aan de hand, maar op driekwart van de tweede of derde ronde ging het mis.
Bij een stevige remmanoeuvre deed-ie weinig meer en sloeg de rook uit de voorwielen. Vervolgens ben ik heel voorzichtig naar huis gereden ... In het vervolg moet ik de remmen voor vertrek maar wat beter controleren.
Zijn onderdelen nog een beetje verkrijgbaar?
Een andere keer hoorde ik op het circuit iets over het wegdek rinkeldekinken. Achteraf bleek dat ik het luchtrooster van het linker achterscherm had verloren.” Dat soort incidentjes weerhouden Sjoerd er niet van om weer het circuit op te gaan. Eerder dit jaar was hij samen met andere leden van de MG-club nog te vinden op het Midland Circuit in Lelystad.
Dat durft hij ook omdat de meeste onderdelen - met uitzondering van de subframes - nog goed te krijgen zijn. Zowel nieuw als gebruikt, want de kring liefhebbers is best groot, zeker in Engeland. De prijzen vallen mee, zeker als je Jaguar-bedragen gewend bent …
“Na een paar rondjes circuit ligt de olietemperatuur op 150 graden.”
Strakker door de bocht dan een Mini
Leent de TF zich wel echt voor circuitgebruik? “Wat onderstel en rijgedrag betreft wel. Zakelijk rijd ik een Mini Cooper S. Een auto die je het ‘go-kart-gevoel’ zou moeten geven, maar deze MG gaat veel strakker door de bocht.
De achilleshiel is de koeling van de achterin liggende motor. Die is daar nooit voor bedoeld, het is gewoon de K-motor die bij Rovertjes voorin lag. Hij heeft ook geen oliekoeler, met als resultaat dat de olie na een paar rondjes circuit 150 graden is.”
Rijplezier is top
Ondanks de tekortkomingen van de TF, wil Sjoerd er nog lang mee blijven rijden. “Qua rijplezier is er wat mij betreft weinig dat hier tegenop kan. Misschien een Mazda MX-5, maar daar kan ik met mijn lengte niet goed in zitten. De TF is licht, stuurt lekker en het motortje hangt heerlijk aan het gas. En inmiddels heb ik er zoveel geld in zitten, dat ik ’m van mezelf ook niet weg mág doen, haha.
“De toerenbegrenzer is opgehoogd van 6500 naar 7200 tpm - dat doet ook een extra brul in het zakje. ”
Andere cilinderkop voor 160 pk
Ik zou ook wel wat meer vermogen willen, maar dan moet je mechanisch gaan tunen en dan ben je weer duizenden euro’s verder. Dan zou ik eerder wat geld steken in een oliekoeler of grotere remmen. Al zou ik er ook de cilinderkop van de TF 160 in kunnen laten zetten. Dankzij variabele kleptiming levert die 160 pk. Maar daar wacht ik wel mee totdat ik de pakking eruit blaas en de kop er toch af moet. Bij de originele pakking hoefde je daar niet je best voor te doen, maar hier zit al een verbeterde versie in.”
Rauw als een hooligan
Wanneer we in de kleine Brit plaatsnemen, kunnen we het pure TF-gevoel zelf ervaren. De ongeblazen motor vertoont bij vol accelereren de onversneden rauwheid van een Engelse voetbalfan en biedt een gasrespons die moderne turbomotoren vreemd is. Ook is de toerenbegrenzer een stukje opgehoogd van 6500 naar 7200 tpm.
Da’s goed voor wat extra gebrul en ook het door Sjoerd geoptimaliseerde inlaattraject doet een grom in het zakje. Van hellen in bochten heeft de MG TF nog nooit gehoord, maar de zitpositie is dan weer hoger en minder sportief dan je verwacht. Sjoerd: “Als het echt warm weer is, ga ik ietsje verzitten en dan zit ik met m’n hoofd vol in de wind. Ook dat hoort bij de charme van de TF.”
Bekijk 28 exemplaren van de MG TF op Marktplaats.nl
Fotografie: Auto Review - Igor Stuifzand
Een sportieve plug-in hybride met een elektrisch rijbereik van 130km*. Al vanaf €36.990. Nu met €2.000 plug-in premie.