TEST: Waarom deze Ferrari de sportauto is voor de welgemanierde dames en heren
Wie een compromisloze sportwagen zoekt die alle zintuigen op scherp zet, kan al decennialang bij Ferrari terecht. Dat zo’n maestro Maranellese niet per se compromisloos hard en agressief hoeft te zijn, bewijst de welgemanierde Amalfi.
Met 640 pk en 760 newtonmeter lijkt de Ferrari Amalfi op papier bijna bescheiden voor hedendaagse Ferrari-begrippen. De 12Cilindri en 296 GTB genereren liefst 830 pk, terwijl de Purosangue 725 pk bijeen blaft. Maar laat dat je niet misleiden. Dit is geen uitgeklede instapper, maar een uitgebalanceerde sportwagen - met manieren.
De Amalfi volgt de Roma op en is zeker niet minder fraai. Onze testauto is uitgevoerd in Verde Costiera, een blauwgroene lak die is geïnspireerd op de kleur van het in de zon schitterende zeewater langs de Italiaanse Amalfikust vlak bij Napels.
De perfecte mix tussen kracht en comfort. Met de Volkswagen Tiguan rijd je zorgeloos naar je favoriete bestemming.
Touchfree
De wijzigingen ten opzichte van z'n voorganger zijn subtiel, maar niet onbelangrijk. Dat geldt zeker voor het interieur. Daar heeft Ferrari iets aangepast wat veel klanten zullen waarderen: de omstreden touchvlakken op het stuur hebben plaats gemaakt voor fysieke knoppen en er is ook weer echte startknop gemonteerd. Volgens Ferrari’s commercieel directeur Enrico Galliera kon Ferrari de klachten over de touchknoppen niet langer negeren. “Die feedback kwam luid en duidelijk binnen”, aldus de topman. De terugkeer van fysieke bedieningselementen begint met de Amalfi, en wordt voortgezet in alle toekomstige modellen. De bediening is dus weer zoals het hoort, al zijn de richtingaanwijzerknoppen op het stuur wel even wennen. Het scheelt dat je er voor elke richting één hebt.
Herkenbaar Ferrari-geluid
Starten doe je dus weer met een druk op de klassieke rode knop. De V8 komt tot leven met een herkenbaar Ferrari-geluid, maar het blijft redelijk beschaafd. Onder de motorkap ligt een V8 met twee compacte twin-scroll turbo’s. Die zitten niet meer midden in de hete V tussen de cilinderbanken, maar eronder. Opnieuw gekalibreerd, beter gesmeerd en met een tot 6000 tpm verhoogd maximaal toerental, levert de dubbel geblazen achtcilinder 20 pk meer dan in de Roma. Ondanks de turbohulp verloopt de vermogensopbouw opvallend geleidelijk, al kan de overvloed aan pk's je niet ontgaan. Ook doordat het gewicht nog geen 1500 kilo bedraagt; zo'n 400 kg minder dan een doodgewone Skoda Elroq in de schaal legt.
We nemen plaats in de optionele comfortstoel. Die draagt bij aan het gevoel dat deze Ferrari ook prima reisgezelschap is tijdens langere ritten. In de Comfortmodus, te selecteren met het Manettino op het stuur, toont de Amalfi inderdaad zijn gentleman-kant. De motor reageert relaxed op het gaspedaal, de aandrijflijn voelt beheerst aan en oneffenheden in het wegdek worden opvallend soepel gladgestreken. Dat is mede te danken aan het geavanceerde Magne-Ride-onderstel. Daarvan zijn speciale schokdempers het hoofdingrediënt. Ze zijn gevuld met een olie die minuscule ijzerdeeltje bevat en die duizenden keren per seconde de demping aanpast door een elektromagnetisch veld te veranderen. Dat doen ze op commando van sensoren die constant de wegcondities in de gaten houden. Vervolgens wordt de vloeistof in de dempers direct stijver of zachter, wat resulteert in een optimale balans tussen comfort en sportiviteit.
Dat beteugelde Comfort-karakter is vooral merkbaar in bochten. Geen overbodige luxe, want met zo veel vermogen op de achterwielen vormt het enthousiasme van minder ervaren bestuurders al snel een mismatch met de rijkunsten. Er zijn genoeg YouTube-filmpjes te vinden die dat illustreren.
In Sport en Race verandert het rijgedrag ogenblikkelijk. De auto wordt scherper en alerter, maar ook veeleisender. Niet voor niets waarschuwt de Amalfi je in deze rijmodi voor koude banden; wie snel wil gaan, moet zijn hoofd erbij houden.
Het rode gebied
Het meeste plezier haal je uit de Amalfi als je zelf de regie neemt. Sowieso vinden we het knap als je de verleidelijke carbon schakelflippers kunt weerstaan. Ze lonken voortdurend naar je om de achttraps transmissie handmatig te bedienen. Maar of je de schakelarbeid nu zelf ter hand neemt of die aan de elektronica overlaat, de schakelmomenten verlopen opvallend soepel. De brute schoktherapie waaraan sommige sportwagens hun bestuurder graag blootstellen, laat de Amalfi achterwege - zoals het een heer betaamt.
Ondanks die keurige inborst van de auto, voelt het V8-blok zich op z'n best als hij tot het uiterste wordt getergd. Hoe hoger het toerental, hoe meer de machtige machine in z'n element raakt. Pas rond 7500 omwentelingen per minuut komt alles samen, vlak voor de rode zone die daar vlak boven begint. Je moet 'm dus even pushen, maar desgewenst werpt de Amalfi uiteindelijk alle welgemanierde schroom van zich af. Dan schreeuwt hij onbetamelijk in je oren en schopt hij je keihard in je rug. Maar goed, daar heb je wel zelf om gevraagd …
Ook supercars komen gewoon voorbij bij Auto Review. Schrijf je in voor onze gratis wekelijkse nieuwsbrief!
Het gaat niet eens over de snelheid
Cijfers? Een honderdsprint van 3,3 seconden is in dit elektrotijdperk niet eens overdreven snel, maar aan de fossiele sensaties waarmee de krachtsoefening gepaard gaat, kan geen EV tippen. Temeer omdat de voorwaartse drang bij 100 km/h natuurlijk niet over is. Het getal 200 volgt in razend tempo en pas bij 320 km/h roept de luchtweerstand de mooie meneer uit Maranello een halt toe.
Sensationeel, zo'n sprintoefening, maar de diepste indruk maakt de Amalfi wanneer je hem loslaat op bochtige wegen. Zodra de banden op temperatuur zijn, voelt hij lichtvoetig en precies. De besturing is scherp en direct als Donald Trump, met het grote verschil dat de Amalfi niet zichzelf, maar jóú daarmee een plezier wil doen. Daarbij blijft het onderstel kalm, zelfs als je bliksemsnel van richting wisselt, lijken de Goodyear Eagle F1-banden zich vast te klauwen in het asfalt. Remmen doet de Italiaan met dezelfde overtuiging als accelereren: vanuit 100 km/h tot stilstand kost slechts 31 meter. En ondanks het brake-by-wire-systeem is het pedaalgevoel verrassend natuurlijk. Vervolgens draaien we het Manettino terug in Comfort en doen we samen weer net alsof we keurige heren zijn …
Conclusie
De Ferrari Amalfi is geen schreeuwer. Het is een sportwagen met zelfbeheersing, verfijning en diepgang. Rustig en comfortabel als je dat wilt, messcherp en snel zodra je erom vraagt. Een Ferrari die niet meteen alles laat zien, maar juist daardoor blijft boeien. Elegant, perfect in balans en met meer kracht dan je op het eerste gezicht verwacht.
De perfecte mix tussen kracht en comfort. Met de Volkswagen Tiguan rijd je zorgeloos naar je favoriete bestemming.