TEST: Toyota Urban Cruiser heeft genoeg voordelen, maar één groot nadeel
Rijd jij al jaren een hybride Toyota en ben je klaar voor de volgende stap? Dan zet de Toyota-dealer zijn poorten en alle deuren van de gunstig geprijsde Urban Cruiser wagenwijd voor je open. Maar voor hoelang … dat is even de vraag.
Toen Toyota - met flinke vertraging - zijn eerste volledig elektrische auto presenteerde, werd die lauwtjes ontvangen. Dat begon al met de naam: huh, 'bZ4X'? Wat betekent dat in vredesnaam? "Nou", vertelde Toyota met van trots glimmende oogjes, "de afkorting 'bZ' staat voor 'beyond zero', de 4 geeft de plek van de auto in ons gamma aan en 'X' betekent 'crossover'."
Tja, de Japanse marketeers sloegen elkaar na vele 80-urige werkweken en nachtelijke brainstormsessies bij de afsluitende vrimibo vast enthousiast op de schouders over hun geniale vondst. Wij, westerse 'barbaren' als we zijn, begroetten de typeaanduiding met gefronste wenkbrauwen.
De perfecte mix tussen kracht en comfort. Met de Volkswagen Tiguan rijd je zorgeloos naar je favoriete bestemming.
Herhaling van zetten
En daar bleef het niet bij toen de auto zijn Europese debuut maakte. De actieradius en de laadsnelheid waren bijvoorbeeld maar zozo. De navigatie- en infotainmentsoftware vielen evenmin in de smaak. En dat terwijl de bZ4X zeker niet in aanmerking kwam voor de titel 'koopje van de maand'.
Was Toyota wel kritisch genoeg op zichzelf en ontwikkelingspartner Subaru geweest? Had het de auto niet beter helemaal zelf kunnen ontwikkelen? Lang verhaal kort: inmiddels is de bZ4X flink opgewaardeerd en Toyota heeft al aangegeven dat de ingewikkelde modelnaam inderdaad geen slimme zet was.
De nieuwe Urban Cruiser heeft inderdaad een bekende naam; tussen 2009 en 2014 verkocht Toyota hier immers al een compact MPV'tje met hetzelfde typeplaatje. Kijken we echter naar de ontwikkelingsfase en de specificaties, dan zien we een herhaling van zetten.
Made in India
Dat de compacte, hoekige Urban Cruiser sprekend op de onlangs geïntroduceerde Suzuki e-Vitara lijkt, is geen toeval. Kijk je ze recht in het gezicht, dan valt het nog mee, maar van opzij en aan de achterkant zijn ze als twee druppels water. De Japanners zijn samen ontwikkeld en komen uit dezelfde Indiase fabriek.
Toen Suzuki al tevreden was met het concept, heeft Toyota nog wat puntjes op de i gezet – vooral op het gebied van rijdynamiek en stijfheid. De elektrische specs werden echter ongemoeid gelaten. En daar wringt nou net de schoen.
De Urban Cruiser wordt in drie smaken leverbaar. Het leveringsprogramma begint met de 144 pk sterke, voorwielaangedreven Active (32.995 euro). Die heeft een bescheiden (kobaltvrij) accupakket van netto 47,8 kWh, goed voor een even bescheiden bereik van 344 kilometer. De honderdsprint neemt 9,6 seconden in beslag en de topsnelheid bedraagt 150 km/h.
En bescheidenheid siert wellicht de mens, maar bij EV’s mag het van ons wel wat minder bleu. Daarom vinden we de eveneens voorwielaangedreven Dynamic (vanaf 35.795 euro) met 174 pk en een batterij met 59,8 kWh interessanter. Niet zozeer vanwege de vlottere acceleratie (0-100 km/h in 8,7 s), als wel om de actieradius van 426 kilometer.
Minder bereik (395 km), maar iets meer vermogen (184 pk) levert de Executive AWD (39.795 euro). Inderdaad: met vierwielaandrijving, verzorgd door een extra elektromotor boven de achteras. Die verhoogt bovendien het – voor een EV – bescheiden maximumkoppel van 193 naar 307 Nm. Hierdoor is de AWD ook de snelste sprinter van het stel (7,4 s).
Zwaktebod
Hoewel de Urban Cruiser een iets gladdere neus heeft dan de e-Vitara, is het geen wonder van zuinigheid. Op de Italiaanse snelweg bij Florence zien we op de boordcomputer van onze testauto in Dynamic-trim zelfs even 24 kWh/100 km voorbijflitsen. Na een gemengd traject staat het gemiddelde op 17,5 kWh/100 km. Dat zou met het grootste accupakket neerkomen op een bereik van zo’n 341 kilometer. Dat houdt, zeker gezien de gunstige weersomstandigheden, niet over.
Aan de andere kant: als je dit ook in Nederland weet te realiseren, sta je onderweg niet snel met een leeg accupakket. Dreigt dat wel, dan spoed je je naar een snellaadstation. Om erachter te komen dat het pieklaadvermogen een schamele 68 kW bedraagt. Dat is niet meer van deze tijd en vooral tijdens vakantietrips een echt zwaktebod. Want je bent drie kwartier bezig om de accu van 10 naar 80 procent vol te ‘pompen’. En dan maar hopen dat andere snellaadklanten je niet betichten van laadpaalkleverij …
Lekker ruim, of toch niet?
Met zijn lengte van ruim 4,28 meter overtreft de Urban Cruiser de Toyota Yaris Cross met ongeveer 11 centimeter. Nog groter is het verschil in wielbasis: 2,70 tegenover 2,56 meter. Daarmee wordt zelfs de 4,60 meter lange RAV4 afgetroefd. Het levert veel beenruimte op voor de achterpassagiers. Daarmee kun je trouwens ook nog spelen, door de (deelbare) achterbank over een lengte van 16 cm te verschuiven.
Over de hoofdruimte zul je weinig klachten horen, behalve dan van mensen die het na het bereiken van de 1,90 meter nodig vonden om nog door te groeien. De kofferruimte houdt helaas niet over. Afhankelijk van de stand van de verschuifbare achterbank, kun je er 238 tot 306 liter in kwijt.
Over de rust aan boord hebben we dan weer weinig klachten, ook als je het rechterpedaal stevig intrapt doet de Urban Cruiser vrij geruisloos zijn werk. Ook het irritante gezoem of gejengel dat sommige EV’s eigen is, blijft achterwege. Wel roffelen de achterbanden er lustig op los.
Verrassend dynamisch
Op de fraai meanderende wegen in Toscane ligt de auto vertrouwenwekkend stevig op de weg en de torsiestijfheid is prima. Wel is het onderstel aan de erg
stevige kant. Desondanks hebben we 'm niet op rammels, piepjes en kraakjes kunnen betrappen. En dat terwijl er binnenin genoeg hard plastic aanwezig is om de bestuurder tot maestro van een luidruchtig kraakconcert te bombarderen. De armsteunen zijn gelukkig bekleed met een zacht stofje en over de volle breedte van het dashboard is een strook zacht kunstleer aangebracht.
Maar verder overheersen harde kunststoffen het binnenmilieu. En pianozwart plastic was twintig jaar geleden nog chic, inmiddels weten we dat het kras- en vlekgevoelige spul er na een paar maanden niet meer uitziet. Toch zit de Urban Cruiser er vol mee.
Gelukkig ontdekken we onderweg ook genoeg positieve eigenschappen van de auto. Ondanks de forse wagenhoogte, krijg je nauwelijks het gevoel in een SUV te rijden. Het zwaartepunt ligt laag en de besturing is helder en precies, zodat de auto zich niet alleen kraakvrij, maar ook verrassend dynamisch door bochten laat dirigeren.
Onderweg krijgen we nooit het gevoel dat de Urban Cruiser adem tekortkomt, terwijl de 174 pk en 193 Nm van de Dynamic-uitvoering niet overdadig zijn voor een auto met een leeggewicht van 1735 kg. Tussensprints, inhaal- en invoegmanoeuvres verlopen vlot, zonder dat je bij elke neerwaartse beweging van het gaspedaal een nekhernia riskeert.
Ten slotte willen we nog een compliment uitdelen voor de garantie en de standaard veiligheidsuitrusting. Toyota vrijwaart je 10 jaar lang voor kosten aan de gehele auto. Mits je niet meer dan 200.000 kilometer rijdt. De kilometer-'beperking' voor de hoogvoltaccu wijkt af en bedraagt 1 miljoen (!) kilometer.
Voor de dagelijkse gemoedrust waken een achteruitrijcamera, dodehoekdetectie, adaptieve cruisecontrol, spoorassistentie en verkeersbordherkenning over je. Bij die laatste is het handig dat je de geluidssignalen kunt uitzetten, maar dat de visuele waarschuwing gewoon zichtbaar blijft.
Conclusie
De eerste Urban Cruiser kende hier een korte carrière. Voor deze elektrische Suzuki-kloon zie ik hetzelfde gebeuren, want al vanaf 2028 gaat Toyota in Tsjechië een eigen elektrische midi-SUV bouwen. Tot die tijd heb je er een fijn rijdende, no-nonsense-EV met een geweldige garantie aan, maar grensverleggend is-ie op geen enkel gebied.
De perfecte mix tussen kracht en comfort. Met de Volkswagen Tiguan rijd je zorgeloos naar je favoriete bestemming.