Verzekeraar waarschuwt voor torenhoge premies bij goedkope Chinese auto's
De Nederlandse automarkt heeft er de afgelopen vijf jaar 16 nieuwe automerken bij gekregen. Het merendeel daarvan is Chinees en biedt op papier veel waar voor het geld. Maar volgens een grote verzekeraar zien veel mensen een belangrijk risico over het hoofd.
Wie bij al die nieuwkomers op de markt vooral naar de aanschafprijs, uitrusting en actieradius kijkt, kan algauw geneigd zijn om er eentje aan te schaffen. Veel modellen van met name Chinese merken, bieden simpelweg méér voor minder geld dan de meeste Europese, Japanse en Koreaanse concurrenten.
Met onze gratis nieuwsbrief mis je geen autonieuwtje meer!
Adder onder het gras
Uit onderzoek in opdracht van verzekeringsmaatschappij Univé blijkt dat voor slechts 12 procent van de Nederlandse automobilisten een Chinese auto een no-go is. Liefst 66 procent staat niet afwijzend tegenover een Chinese auto.
Volgens verzekeraar Univé zien die consumenten echter een belangrijk punt over het hoofd: hoe makkelijk is de auto na een aanrijding eigenlijk te repareren?
Ontbrekende onderdelen, instructies en schadeherstellers
Een van de redenen voor consumenten om níét voor een Chinees merk te kiezen, is de angst over de beperkte beschikbaarheid van onderdelen. En die angst is volgens Univé zeker niet onterecht. Bij sommige jonge merken zijn onderdelen lastig verkrijgbaar, ontbreken reparatie-instructies of zijn er nog maar weinig schadeherstellers die met de auto's overweg kunnen.
Kleine schade, hoge rekening
Dat kan betekenen dat een relatief kleine schade leidt tot een lange reparatietijd en hoge kosten. Ook voor de verzekeraar, als de klant recht heeft op vervangend vervoer zolang de eigen auto niet de weg op kan. En dat werkt weer door in de hoogte van de premie. “Een auto kan op papier uitstekend uit vergelijkende tests of prijsvergelijkingen komen, maar pas na schade blijkt hoe goed de organisatie áchter het merk is”, zegt Henkjan Matthijs, manager Mobiliteit bij Univé.
Extreem duur scheurtje
Als extreem voorbeeld noemt de verzekeraar een Amerikaans EV-model waarbij een klein scheurtje in de vooras uiteindelijk tot een total loss-verklaring leidde. Volgens de beschikbare reparatie-instructies moest namelijk de volledige carrosserie worden vervangen.
Univé noemt in zijn persbericht geen merk, maar de betreffende auto zou zomaar een Lucid geweest kunnen zijn. Dat is naast Tesla - dat zijn zaken wél goed voor elkaar heeft, zie hieronder - immers de enige Amerikaanse nieuwkomer op de markt.
“Het is een extreem voorbeeld, maar het laat wel zien dat de gevolgen groot kunnen zijn wanneer een passende herstelroute ontbreekt”, aldus Matthijs.
BYD, Lynk & Co en Tesla geven goede voorbeeld
Univé benadrukt dat niet álle nieuwe merken hun zaakjes niet op orde hebben. Sommige hebben volgens de verzekeraar snel een goed netwerk opgebouwd. Lynk & Co, BYD en Tesla worden genoemd als voorbeelden van merken die hebben geïnvesteerd in onderdelenvoorziening, technische ondersteuning en herstelbedrijven.
Is die voordelige auto wel te verzekeren?
Ook voor de verzekering kan de herstelbaarheid een rol spelen. Als moeilijk is in te schatten hoe een auto gerepareerd kan worden, hoelang dat duurt en wat het kost, kan dat volgens Univé gevolgen hebben voor de beschikbare dekking. Het zou dus zomaar kunnen zijn dat een model van een merk dat er slecht op staat bij verzekeringsmaatschappijen, niet allrisk verzekerd kan worden.
Wij keken op de websie van Univé wat de mogelijkheden zijn om een model van Lucid te verzekeren. All-risk bleek inderdaad niet mogelijk, WA is de enige optie.
Univé adviseert autokopers daarom naast prijs, veiligheid, actieradius en uitrusting ook te informeren naar de beschikbaarheid van onderdelen en het Nederlandse schadeherstelnetwerk. Verzekeringsmaatschappijen kunnen hun klanten hier mogelijk bij helpen.