Deze 5 Citroëns waren bijna klaar, maar gingen nooit in productie
Bij het ontwikkelen van een nieuw model gaan autofabrikanten vol enthousiasme aan de slag, maar als het resultaat tegenvalt, komt het ontwerp niet op de markt. Ook deze 5 Citroëns haalden de productielijn nét niet.
1. Citroën C60 - Tussen Eend en Snoek (1960)
In de jaren 50 bestond Citroëns aanbod uit twee uitersten: aan de ene kant de eenvoudige 2CV en aan de andere kant de prestigieuze DS. In het middensegment had het merk niets te bieden, en daar moest deze C60 verandering in brengen. Met zijn gestroomlijnde neus, dubbele koplampen en hydropneumatische vering had het ontwerp zeker potentie.
De komst van de Citroën Ami 6, die met zijn drukke lijnvoering en achterover hellende achterruit sterk op de C60 leek, gooide echter roet in het eten. Het publiek vond de Ami er maar raar uitzien en Citroën durfde het niet meer aan om daarna de C60 op de markt te brengen.
Maak kennis met de nieuwe Ibiza, de sportieve hatchback met nog scherper design en fris interieur. Nu vanaf € 23.990
Ontdek meer onbekende auto's met onze gratis nieuwsbrief!
2. Citroën EN 101 - Dertig jaar eerder dan Twingo (1968)
De 2CV was in de jaren 30 ontwikkeld voor het Franse platteland, maar in de jaren 60 realiseerde Citroën zich dat de toekomst zich in de stad zou afspelen. De opvolger van de 2CV moest dus een stadsauto worden: compact vanbuiten, ruim vanbinnen. Om die tegenstrijdige eisen te verenigen, bedacht het merk dit MPV-achtige voertuig met de bestuurdersstoel in het midden.
Onderzoek onder potentiële klanten leerde echter dat het publiek een auto met zo’n korte neus maar onveilig vond. Pas 30 jaar later, toen Renault de Twingo op de markt bracht, bleek de tijd rijp voor de compacte MPV.
3. Citroën U1 - De eerste brommobiel? (1971)
Lang voordat de brommobiel was uitgevonden, werkte Citroën al aan een tweepersoons karretje dat vol slimme vondsten zat. Instappen ging door de bovenste helft van de kunststof carrosserie naar voren te schuiven. De bumper, die net als bij een botsauto helemaal rondom liep, fungeerde daarbij als rail.
Voor goed zicht rondom waren ook de zijruiten voorzien van ruitenwissers, handbediend via een hendel bij de binnenspiegel. De knipperlichten op pootjes op het dak waren van alle kanten zichtbaar, dat scheelde weer aparte knipperlichten voor en achter. De U1 was nog geen twee meter lang en woog slechts 385 kilo.
4. Citroën VA - De Panda van Citroën (1975)
Met de VA wilde Citroën een modern antwoord hebben op goedkope modellen als de Renault 4. De Franse Fiat Panda, zeg maar. De motor kwam uit de 2CV, het onderstel was voorzien van comfortabele torsievering en de carrosserie oogde typisch Citroën, met zijn deels afgeschermde achterwielen. De VA was iets meer dan drie meter lang en bood plaats aan vier inzittenden. Hoewel dit ontwerp nooit op de markt kwam, diende het wel als uitgangspunt voor project Z, dat bijna tien jaar later leidde tot de Citroën AX.
5. Citroën E - Wanhoopsdaad door designers (1980)
Eind jaren 70 zat Citroëns designstudio op een dieptepunt: het ontwerp voor de toekomstige BX was aan Bertone gegund, de facelift van de Visa was naar de Franse carrosseriebouwer Heuliez gegaan. De Citroën-designers besloten een spectaculair visitekaartje af te geven, om te laten zien dat ze heus nog wel iets konden.
In de strakke stijl van de BX werkten ze deze CX-opvolger uit. Bijzonder detail was de achterklep uit twee delen: naar keuze kon alleen het deel onder de achterruit open, of de gehele klep tot aan het dak. De directie was echter niet onder de indruk en project E verdween in de shredder.
De nieuwe SEAT Ibiza, de sportieve hatchback met nog scherper design en fris interieur. Nu vanaf € 23.990