Reportages

Oorlogsmuseum Overloon

75 jaar bevrijding: Deze militaire voertuigen speelden een rol

75 jaar geleden werd Nederland bevrijd. De geallieerden dwongen de Duitse bezetters langzaam maar gestaag terug over de grens. Vele militaire voertuigen die een essentiële bijdrage aan de bevrijding van Europa leverden, werden achtergelaten. In het Oorlogsmuseum in Overloon betonen we onze eer aan deze voertuigen.

75 jaar bevrijding: De helden op vier wielen

D-Day, 6 juni 1944. Op de kust van Normandië landen een gigantische hoeveelheden geallieerde troepen vanuit Groot-Brittannië. Maar de overtocht van alle manschappen is nog maar het begin van de gehele operatie. Alleen met een foutloze logistiek bestaat er een gerede kans dat de bevrijding van Europa slaagt. Om vaart te houden in de geallieerde opmars, is een onophoudelijke aanvoer van materieel noodzakelijk, over de smalle plattelandsweggetjes van Normandië naar de frontlinies. De oorlogsindustrie in de Verenigde Staten en in Groot-Brittannië draait op volle toeren, zodat de vijand langzaam teruggedrongen kan worden.

Waar vuur met vuur bestreden wordt, vallen onvermijdelijk slachtoffers. Talloze soldaten bekopen de strijd voor de vrijheid van Europa met de dood. Maar ook de materiële schade bij de geallieerde strijdkrachten is enorm. Bij elke confrontatie met de Duitsers vallen vele voertuigen ten prooi aan verwoestende artillerie. Voertuigen die stuk voor stuk essentieel zijn in de opmars, die elk worden bemand door de helden van de bevrijding, hebben allemaal hun eigen verhaal. Of dat nu een glorierijk verhaal is, of eentje van dramatische verliezen.

Slag om Overloon

Op 5 mei 2020 vieren we dat we in Nederland 75 jaar in vrijheid leven. Maar de bevrijding heeft een lange aanloop gekend. Vanaf de nazomer van 1944 winnen de geallieerden steeds meer terrein op de bezetters. Soms zonder noemenswaardige weerstand, maar vaak met fel verzet. Zoals tijdens de Slag om Overloon (Operation Aintree). In het gebied tussen Oploo en Blerick in Noord-Limburg, heeft de 107de Duitse Pantserdivisie het Maasgebied stevig in de greep. Om de Duitse verdediging te doorbreken, is bij het 1300 bewoners tellende dorp Overloon een zware confrontatie tussen de geallieerden en de Duitsers op handen.

Aan beide zijden worden de legers versterkt. Op 12 oktober 1944 openen de geallieerden het vuur: tweehonderd kanonnen schieten in anderhalf uur tijd meer dan 25.000 granaten af. Van Overloon is vrijwel niets meer over, geen gebouw komt ongehavend uit de strijd. Na de aanval rukken de geallieerden op richting de Maasoever, maar het drassige land en de felle artillerie vanaf Duitse zijde bemoeilijken de opmars. En als de tanks van de geallieerden de modderige omstandigheden al weten te doorstaan, dan stuiten ze vervolgens op mijnenvelden, en worden ze zwaar onder vuur genomen door het Duitse afweergeschut.

Van slagveld tot museum

Nadat de geallieerden het gebied rond de Maasoever eind oktober 1944 hebben ingenomen, lijkt het slagveld bij Overloon wel een sloperij voor oorlogsmaterieel. Kort na de bevrijding van Nederland, neemt Overloner Harry van Daal het initiatief om het slagveld te bewaren in een museumpark. Op 25 mei 1946 wordt het Nationaal Oorlogs- en Verzetsmuseum in Overloon officieel geopend door de Britse generaal Lashmer Gordon Whistler, bevelhebber van de 11de Britse Pantserdivisie en 3de Infanteriedivisie die Overloon hebben bevrijd. Uitbreiding krijgt het museum in 2006, wanneer de collectie van het Marshall Museum in Zwijndrecht naar het Oorlogsmuseum in Overloon wordt verhuisd. Bij de renovatie van het museumpark komen vrijwel alle voer-, vaar- en vliegtuigen onder dak te staan.

Om stil te staan bij de bevrijding van Nederland op 5 mei 1945, doen we een greep uit de zeer veelzijdige collectie van het Oorlogsmuseum in Overloon, en vertellen in het kort wat de rol van enkele unieke voertuigen is geweest in de Slag om Overloon.

75 jaar bevrijding: De helden op vier wielen

Morris Commercial LC (1939)

Tussen alle tentoongestelde tanks, half-tracks en trucks die achter de frontlinie zijn ingezet, is deze gepantserde geldwagen van De Nederlandsche Bank een merkwaardig museumstuk. Toch heeft de Morris een belangrijke rol gespeeld. Met deze auto zijn de prinsessen Beatrix en Irene op 12 mei 1940 in het geheim naar de haven van IJmuiden gebracht, waar ze samen met hun vader Bernhard op een Brits marineschip over de Noordzee naar Engeland vertrokken. Korte tijd later werd het ook Koningin Wilhelmina te heet onder de voeten in Nederland, en volgde zij haar familieleden naar Groot-Brittannië. Sinds 1962 is de Morris LC van De Nederlandsche Bank in het bezit van het Oorlogsmuseum. Frappant detail: enkel de cabine van de transportwagen is gepantserd. Dat in tegenstelling tot het laadruim waarin de prins en zijn dochters zaten ...

75 jaar bevrijding: De helden op vier wielen

M16 Multiple Gun Motor Carriage (1943-1944)

De M16 Multiple Gun Motor Carriage heeft aan de voorzijde standaard vrachtwagenwielen met luchtbanden en aan de achterzijde stalen rupsbanden. Vandaar dat het voertuig in de volksmond ‘half-track’ wordt genoemd. De licht bepantserde truck werd ingezet ter ondersteuning van de troepen in moeilijk begaanbare gebieden, niet alleen ter bevoorrading maar ook ter verdediging. Een belangrijk voordeel van een half-track is de eenvoudige positionering op het slagveld. Achterop staat een kanon met vier Browning M2-machinegeweren in kaliber 0.5 inch (12,7 mm). De M16 Half-track werd gebouwd door de White Motor Company in Cleveland, Ohio, en is voorzien van een 6,3-liter zescilinder benzinemotor met 128 pk. In totaal zijn iets meer dan 3500 exemplaren gebouwd.

75 jaar bevrijding: De helden op vier wielen

Churchill Mk IV (1941-1952)

De door zijn bemanning ‘Jackal’ gedoopte Britse Churchill Mk IV reed tijdens de Slag om Overloon op een Duitse Rieger-landmijn. Door de explosie liep de tank zware schade op, waarbij de gepantserde bodemplaat uiteen werd gereten. De vijfkoppige bemanning van de Britse tank werd overrompeld door de brand die door de explosie ontstond. Twee van de vijf bemanningsleden overleefden de explosie niet, kapitein Dick McDougal raakte een been kwijt, boordwerktuigkundige Jonathan Lambert verloor beide benen en bestuurder Bob Dare liep zware brandwonden op. Om zijn kameraden de laatste eer te betonen, heeft Bob Dare het Oorlogsmuseum in Overloon verschillende keren bezocht – en vertelde hij zijn verhaal tijdens het evenement Museum in het Donker. De sporen van de explosie als gevolg van de landmijn, zijn nog altijd duidelijk zichtbaar op de Jackal.

75 jaar bevrijding: De helden op vier wielen

GMC CCKW ‘Jimmy’ (1941-1945)

Lang na de Tweede Wereldoorlog, was de GMC CCKW 2½-ton 6x6 nog altijd een bekende verschijning in Europa. Trucks die door de geallieerden werden achtergelaten, bewezen hun nut tijdens de wederopbouw – maar ook nog lang daarna. De GMC’s en Dodges werden ingezet voor tal van doeleinden – bijvoorbeeld als veldkeuken achter de frontlinie. Voorzien van een ingenieus opvouwbare tentconstructie, kan de laadbak van deze GMC CCKW ‘Jimmy’ eenvoudig worden omgevormd tot mobiele werkplaats voor het benodigde herstel en onderhoud van militaire voertuigen achter de frontlinie. Achter in deze GMC zijn zelfs een werkbank, een zetbank voor plaatwerk en lasapparatuur te vinden.

75 jaar bevrijding: De helden op vier wielen

Bantam BRC 40 (1940)

De Amerikaanse strijdkrachten hadden met spoed een compact verkenningsvoertuig met vierwielaandrijving nodig. American Bantam kwam als eerste met een prototype over de brug: de Bantam Reconnaissance Car (BRC). Maar American Bantam had niet de productiecapaciteit om aan de enorme vraag te voldoen, zodat het contract alsnog naar Willys-Overland en de Ford Motor Company ging. Van de BRC 40 werden uiteindelijk maar 2600 exemplaren gebouwd, een fractie van de 362.000 Willys MB’s en bijna 278.000 Ford GPW’s die er zijn gebouwd. Bantam kreeg wel de opdracht om aanhangwagens te gaan produceren, met een laadvermogen van 250 kilo, die gemakkelijk door een Willys of een Ford door het terrein getrokken kon worden ...

75 jaar bevrijding: De helden op vier wielen

M4 Sherman (1941-1945)

De Sherman-tank was trefzeker, relatief eenvoudig van constructie, gemakkelijk in het onderhoud, en kon tegen een verhoudingsgewijs lage kostprijs in grote aantallen worden geproduceerd. De M4 Sherman was bedoeld om de geallieerde grondtroepen te ondersteunen en te beschermen, en niet andersom zoals in de eindfase van de oorlog het geval was bij de zeer geavanceerde en dure Duitse tanks. Het credo luidde ‘kwantiteit, in plaats van kwaliteit’. Mede dankzij de eindeloze toestroom van nieuwe Sherman-tanks van overzee, werd het naziregime uiteindelijk op de knieën gedwongen. Er zijn bijna 50.000 Shermans gebouwd, pas in 1957 namen de Amerikaanse strijdkrachten afscheid van de tank. In Nederland bleef de Sherman-tank zelfs nog tot begin jaren 70 in gebruik.

75 jaar bevrijding: De helden op vier wielen

Panzerkampfwagen V ‘Panther’ (1943-1945)

De Duitse Wehrmacht wenste niets aan het toeval over te laten. Zelfs hun tanks moesten onoverwinnelijkheid en overmacht uitstralen. De Panzerkampfwagen V – kortweg: Panther-tank – was prachtig gebouwd en werd aangedreven door een kostbare twaalfcilindermotor van Maybach. Hoewel veel goedkoper dan de Tiger-tank, kon het Duitse rijk zich de ontwikkeling van de Panther eigenlijk niet veroorloven. In twee jaar tijd zijn maar zo’n 6000 Panthers gebouwd, lang niet genoeg om de opmars van de geallieerde troepen te stuiten. Deze Panther is een van de kroonjuwelen uit de collectie van het Oorlogsmuseum in Overloon. Dit exemplaar heeft eerst gediend aan het Oostfront. In de Slag om Overloon werd de 44,8 ton wegende mastodont uitgeschakeld door een PIAT-antitankgranaat die door de geallieerden was afgeschoten.

Igor Stuifzand
Door Igor Stuifzand

Wekelijks autoplezier in je mailbox?

  • ✓ Mis geen belangrijk autonieuws
  • ✓ Exclusieve verhalen alleen voor jou
  • ✓ Speciale kortingen en acties

Zoeken

Merk- & modeldossiers